Quint van Dijk – Mijn favoriete film ooit


She was born on December 8th, 1980, at 22:50. The exact time Mark David Chapman killed John Lennon. For me, though, that’s just a coincidence. All I care about is that she was born at that exact moment. Her name: Lily Chou-Chou. The Ether personified.

Witte tekst op het scherm getypt vanaf de Lily Chou-Chou fansite, Lilyphilia. Je ziet mensen gesprekken voeren over Lily Chou-Chou. Ze praten over deze obscure zangeres, over hoe haar muziek de ‘Ether’ bevat.

Zo begint All about Lily Chou-Chou (2001) van Shunji Iwai, een prachtig, hartverscheurend coming-of-age verhaal over pesten, met de muziek van deze fictieve artiest als leidraad. Dus stof je oude cd-speler maar af en duik de diepte in een van heel bijzondere film.

Het verhaal gaat niet over Lily Chou-Chou, gespeeld door zangeres Ayako Mori, beter bekend als Salyu. De focus is op Yuichi (Hayato Ichihara), een veertienjarige jongen die zoals anderen in zijn omgeving zwaar wordt gepest en uitgebuit door Hoshino (Shugo Oshinari). Juist in moeilijke tijden vindt Yuichi hoop in de muziek van Lily Chou-Chou. Onder de naam Philia houdt hij zelfs een fansite over Lily Chou-Chou bij, getiteld Lilyphilia. Zo ontmoet hij Blue Cat online, een van de weinige echte vrienden die hij nog over heeft.

De film bestaat uit tijdslagen die Yuichi de roze dagen en de grijze dagen noemt. De roze dagen zijn in het verleden, zijn vroege middelbare-schooltijd, toen hij Hoshino voor het eerst ontmoette, een slimme, maar stille jongen. Samen met hun vriendengroepje gaan ze op reis naar Okinawa, waar alles verandert. Na drie traumatische gebeurtenissen komt Hoshino als een veranderd mens terug. Nadat hij de pestkop op school in elkaar slaat en compleet voor schud zet, neemt hij zijn plaats in als pestkop.

Dan heb je de grijze dagen, het heden. Yuichi wordt nu door dezelfde jongen die hij eerst zijn beste vriend noemde gruwelijk gepest en compleet uitgebuit, maar hij is niet de enige. Hoshino verhuurt namelijk het meisje Tsuda (Yû Aoi) als een prostituee. Ondanks dit verschrikkelijke lot houdt Tsuda zich sterk. Een vriendschap ontstaat tussen haar en Yuichi. En dan heb je nog Kuno (Ayumi Ito), het meisje op wie Yuichi verliefd is. Vreselijk: ze wordt verkracht. Na dit alles volgt ook nog de zelfmoord van Tsuda. Dan heeft Yuichi nog alleen zijn online vriend Blue Cat over, maar als ze elkaar op een concert ontmoeten komt hij erachter dat zij al die tijd Blue Cat Hoshino was, die zijn ticket afpakt en Yuichi buiten de zaal laat staan. Zodra het concert voorbij is, vermoordt hij Hoshino met een mes.

Alle karakters zijn geweldig geschreven. Neem Hoshino: hij is een verschrikkelijk mens en ik was ook blij toen hij aan zijn einde kwam. Toch kun je zeggen: zijn verschrikkelijke gedrag heeft oorzaken. Hij heeft zoveel dingen meegemaakt die hem steeds dichter bij een breekpunt brachten. Hij werd zelf gepest op de basisschool. Ook vonden velen hem irritant en hoogmoedig. Op Okinawa stierf hij twee keer bijna en heeft hij iemand zien sterven. Zo krijg je inzicht in het karakter van Hoshino.

Naast het verhaal dat je in je hart raakt, treft de meesterlijke visuele stijl je. Zo zijn bijna alle scènes op Okinawa geschoten met simpele camcorders die de personages bij zich hebben. Dit schept een authentiek gevoel, alsof je niet naar een geregisseerde film kijkt maar naar zelfgemaakte vakantievideo’s. Ook speelt het verschil tussen de beelden van de grijze dagen in tegenstelling tot die van de roze dagen. De grijze dagen zijn ook letterlijk grijzer in tegenstelling tot de oververzadigde kleuren van de roze dagen. Dezelfde techniek die gebruikt wordt in (500) Days of Summer (2009). Ook maakt Iwai veel gebruik van jumpcuts, een montagetechniek die scènes vooruit in de tijd laat springen. Net als in het werk van Alfred Hitchcock zijn er scènes waarin je weinig ziet terwijl je heel goed weet wat voor gruwelijkheden plaatsvinden.

De regisseur gebruikt vaak de draagbare camera, wat een onrustige sfeer schept. Hij draait tevens digitaal, in tegenstelling tot de meeste Japanse regisseurs van die tijd. Hiertoe werd hij waarschijnlijk geïnspireerd door zijn collega en vriend Hidaiki Anno, die bijvoorbeeld Love & Pop (1998) maakte. De digitale stijl zorgt voor een soort waas over het beeld, dat gek genoeg daardoor iets hemels krijgt.

Iwai maakte in 2000 al een ‘internetroman’ door de forumsite Lilyholic op te zetten waar hij berichten plaatste namens verschillende personages. Hier konden ook anderen dingen posten alsof ze Lily-fans waren. Veel van de berichten zijn ook gebruikt in de film, in de teksten die tijdens scènes op het scherm lashen. Uniek detail: alle extra’s uit de concertscène zijn geen betaalde acteurs zijn maar mensen die fan waren van Lilyholic.

De innovatieve vertelstijl blijkt verder uit forshadowing. Je hebt een scène waar alle pestkoppen in een kamer zitten en het eindigt met iemand die zegt dat ze niet moeten lachen, want er is net iemand doodgegaan. Dan schieten ze naar een andere scène met Tsuda, en we weten wat eraan komt. In die scène gaat Tsuda voor het eerst in haar leven vliegeren en zegt ze ook iets over vliegen… Later springt ze in dezelfde scène van een toren.

Dan even terug naar eerder in de film: voor de grap vraagt Tsuda aan Yuichi of ze haar met rust zouden laten als ze kaal zou zijn, aangezien ze dan toch niet meer begeerlijk is. Tsuda doet dit uiteindelijk niet, maar Kuno doet het wel in de hoop dat ze met rust gelaten wordt. Nog zoiets: Yuichi zegt dat Hoshino beter op Okinawa had kunnen sterven, en dat nog voordat wij de ergste dingen hebben gezien die Hoshino heeft gedaan. En: hoe Philia en Bluecat beiden toevallig op hetzelfde eiland zijn geweest waar Lily een liedje over heeft geschreven, wat later natuurlijk niet verbaast aangezien Hoshino en Yuichi samen naar Okinawa waren. Veel kleine details maakt het allemaal nog mooier. Iemand met de gebruikersnaam Bear zegt op de site dat hij ook naar het concert komt met zijn knuffelbeer. Vervolgens zie hem met de beer rondlopen.

De soundtrack bestaat alleen uit Ethereal-muziek. Die versterkt de plot. Drie categorieën zijn er: muziek van Lily chou-chou, Debussy en een lied uit Okinawa. De muziek van Lily Chou-Chou, geschreven door Takeshi Kobayashi en gezongen door Salyu, wordt het meest gebruikt voor logische redenen; de film gaat over Lily Chou-Chou. Maar zelfs het gebruik van Debussy is van belang voor de plot, want er wordt in de film gezegd dat volgens Lily Chou-Chou Debussy de eerste artiest is die ooit muziek uit de ‘Ether’ maakt. En het traditionele liedje uit Okinawa, die meerdere keren in de film wordt gebruikt, gaat over het Eiland waar Lily Chou-Chou ook over heeft gezongen en waar Yuichi en Hoshino beiden zijn geweest.

Deze film doet echt van alles met je emoties, van lachen om pubertjes die wat vieze grapjes maken met elkaar tot werkelijk hartverscheurende momenten als de laatste scène van Tsuda.

Je moet hem absoluut kijken, want het is zo’n extreem emotionele film. Het is persoonlijk mijn favoriet film ooit, aangezien het op alle fronten zo geweldig is, je zou het zelfs etherreal kunnen noemen. Alles is geweldig: verhaal, filmtechniek, muziek. En nog het meeste van alles: de gevoelens.

Loading